Soorten onderzoek

De Inspectie Justitie en Veiligheid hanteert verschillende vormen van toezicht. Afhankelijk van de situatie kiest de Inspectie een of meer toezichtvormen. Periodiek wordt per toezichtgebied bekeken welke mix van toezichtvormen het meeste effect zal sorteren. Omdat de omgeving niet stilstaat, blijven hierbij flexibiliteit en vrije ruimte nodig. De Inspectie voert haar toezicht zowel aangekondigd als onaangekondigd uit.

Toezichtvormen Inspectie Justitie en Veiligheid:

  1. Doorlichting
  2. Thematisch onderzoek
  3. Incidentonderzoek
  4. Quick scan of schouw
  5. Vervolgonderzoek

1. Doorlichting

Dit is een gestandaardiseerde vorm van toezicht. De Inspectie JenV geeft een breed oordeel over de kwaliteit van (onderdelen van) één uitvoeringsorganisatie.

Voorbeeld

De Inspectie JenV onderzoekt naast de interne organisatie van een gevangenis ook hoe de gevangenis omgaat met:

  • De (rechtspositie van) gevangenen.
  • De veiligheid in de gevangenis.
  • De maatschappelijke veiligheid (bijvoorbeeld wanneer een gevangene voorwaardelijk vrijkomt).
  • Re-integratie-activiteiten die een gevangene voorbereiden op terugkeer in de maatschappij.

2. Thematisch onderzoek

Onderzoek naar één of meer specifieke aspecten binnen de uitvoeringspraktijk. Het onderzoek leidt tot een oordeel over de uitvoering bij meerdere organisaties.

Voorbeeld

De Inspectie JenV onderzoekt hoe alle veiligheidsregio’s in Nederland zich voorbereiden op een mogelijke ramp of crisis.

Hieronder wordt het verschil tussen een doorlichting en een thematisch onderzoek gevisualiseerd.

Schematische weergave doorlichting versus thematisch onderzoek. De weergave visualiseert het verschil tussen een doorlichting en een thematisch onderzoek

Schematische weergave doorlichting versus thematisch onderzoek

3. Incidentonderzoek

Een ongeval, ramp of crisis kan aanleiding zijn voor een incidentonderzoek. In sommige gevallen vindt dit plaats op verzoek van de minister of staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Soms zijn er meer onderzoeksinstanties betrokken bij incidentonderzoek, bijvoorbeeld de Onderzoeksraad voor Veiligheid en andere rijksinspecties. Met hen stemt de Inspectie JenV dan af. De aard van het incident bepaalt de opzet en invalshoek van incidentonderzoek. Kenmerkend voor incidentonderzoeken is dat er vaak een (maatschappelijke) noodzaak is om snel met onderzoeksresultaten te komen.

Voorbeeld

De Inspectie JenV en Agentschap Telecom hebben gezamenlijk onderzoek  gedaan naar de
stroomstoring in Diemen op 27 maart 2015. Een groot gedeelte van Noord-Holland en kleine gedeelten van Flevoland zaten zonder stroom. Bij de beheersing van deze crisis waren zes veiligheidsregio’s betrokken. De Inspectie JenV heeft het crisismanagement door deze regio’s onderzocht en het Agentschap de effecten van de stroomstoring op telecommunicatiediensten en netwerken. Doel van het onderzoek was te leren van het incident, om te weten wat goed of minder goed ging, maar ook inzichtelijk te maken waardoor dat kwam. Niet alleen voor de betrokken veiligheidsregio’s maar ook voor de rest van het land.

4. Quick scan of schouw

Wanneer binnen zeer korte tijd behoefte is aan een oordeel van de Inspectie JenV kan zij ook lichtere vormen van onderzoek inzetten, zoals een quick scan of een schouw.

5. Vervolgonderzoek

Resultaten van incidentonderzoek kunnen aanleiding zijn voor een thematisch onderzoek. Aan de andere kant kan een conclusie uit een thematisch onderzoek reden zijn voor een doorlichting. Soms maakt onderzoek duidelijk dat iets veel beter kan. Een herhaling van (delen van) dat onderzoek kan dan laten zien of er in de tussentijd iets is veranderd en zo ja, wat. Deze vorm heet vervolgonderzoek.