De Nederlandse brandweer is onvoldoende voorbereid om grote, gelijktijdige of langdurige incidenten – zoals natuurbranden of overstromingen – in meerdere veiligheidsregio’s of landelijk te bestrijden. Als er een of meerdere grote incidenten zijn buiten de eigen regio en ze gaan elkaar helpen, gaat dit direct ten koste van de reguliere dekking. De veiligheid van burgers én hulpverleners komt zo onder druk te staan. Dat concludeert de Inspectie Justitie en Veiligheid (Inspectie JenV) in een nieuw onderzoek naar de uitvoering van Grootschalig en Specialistisch Brandweeroptreden.
Beeld: © Inspectie JenV / Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden
“Tot nu toe is het gelukkig goed gegaan bij grote branden in Nederland. Uit ons onderzoek blijkt dat dit bij toeval goed is afgelopen. Als er meerdere natuurbranden in Nederland tegelijk of direct achter elkaar plaatsvinden, vrezen we dat er een uitputtingsslag bij de brandweer optreedt. De brandweer schiet tekort als zij wordt geconfronteerd met grootschalige of langdurige incidenten waarbij brandweerkorpsen elkaar over de grenzen van de veiligheidsregio’s moeten bijstaan. Het is zorgelijk en het maakt ons kwetsbaar dat bij grote branden en specialistische incidenten in meerdere regio’s blijkt dat de brandweer het risico loopt niet of niet goed te kunnen ingrijpen door gebrek aan regie, mensen en materiaal. De brandweer kan alleen toekomstbestendig haar werk doen als het huidige vakmanschap wordt ondersteund door een centrale regie voor de taken van de brandweer als er meerdere regio’s zijn betrokken bij een incident”, aldus waarnemend inspecteur-generaal Liesbeth Huijzer.
Fundamentele tekortkomingen
Volgens de Inspectie JenV is er sprake van structurele problemen die de slagkracht van de brandweer verzwakken. Hoewel de brandweer vakmensen heeft die zich keihard inzetten, ontbreekt het aan centrale sturing en besluitvorming en heldere bevoegdheden bij leidinggevenden. Dit ontbreekt in het brandweerstelsel dus moeten minister en het Veiligheidsberaad hiermee aan de slag. Ook de werkwijzen tussen de veiligheidsregio’s is verschillend. Verder ontbreekt het aan voldoende personeel, materieel en grootschalige- en specialistische capaciteit.
Visie brandweer bij Grootschalig Brandweeroptreden onvoldoende ingevoerd
In 2018 heeft de brandweer zelf een visie Grootschalig Brandweeroptreden (GBO 2.0) vastgesteld. De visie was bedoeld om een krachtig bovenregionaal en landelijk opererende brandweer te creëren. Uit het onderzoek blijkt dat deze visie slechts gedeeltelijk en versnipperd is ingevoerd.
Veiligheidsregio’s verschillen sterk in materieelsamenstelling, personele bezetting, specialistische teams, digitale informatievoorziening en afspraken over samenwerking. De landelijke dekking en inzetbaarheid zijn daardoor onvoorspelbaar en niet stevig vastgelegd. De veiligheidsregio’s hebben weliswaar afspraken gemaakt om elkaar te helpen als er een groot incident plaatsvindt in een buurregio. Maar veel veiligheidsregio’s kunnen niet voldoen aan de afgesproken norm om drie pelotons structureel beschikbaar te stellen. Personeelstekorten, materieelgebrek en onvoldoende afstemming maken dat feitelijke paraatheid vaak lager is dan op papier staat. Bij meerdere gelijktijdige incidenten kunnen regio’s elkaar niet altijd helpen.
Aanbevelingen
De Inspectie JenV adviseert de minister van Justitie en Veiligheid onder meer om landelijk vast te leggen aan welke voorwaarden een grootschalig en specialistisch optreden moet voldoen.
Spreidings-, financierings- en kwaliteitseisen moeten vastgelegd worden voor gezamenlijke scenario’s. Ook is het belangrijk dat er continu inzicht is in regionale- en landelijke slagkracht. Verder is het belangrijk dat de centrale regie op bovenregionale taken wettelijk wordt vastgelegd hoe wordt omgegaan met de verdeling van schaarste en de toekenning van de bijbehorende bevoegdheden. De Inspectie verwacht een jaarlijkse rapportage over de voortgang.
Het Veiligheidsberaad bestaat uit de voorzitters van de 25 veiligheidsregio’s, burgemeesters, en heeft in Nederland een coördinerende en strategische rol op het gebied van veiligheid en crisisbeheersing. Het Veiligheidsberaad wordt opgeroepen om de afgesproken onderdelen van Grootschalig Brandweeroptreden en specialistisch optreden direct en volledig uit te voeren. Actuele overzichten van slagkracht moeten zowel regionaal als landelijk worden onderhouden. Ook wordt het Veiligheidsberaad opgeroepen om landelijke specialismen en grootschalig optreden door te ontwikkelen, en kennis, expertise en evaluaties structureel te organiseren en te delen.
De Inspectie JenV volgt de voortgang nauwgezet.

Een grote brand op de hei vanuit de lucht gefilmd. Daaroverheen de letters ‘Genzen bereikt’ en ‘Onderzoek grootschalig en specialistisch brandweeroptreden’.
De voice-over zegt: ‘Onderzoek van de Inspectie Justitie en Veiligheid laat zien dat bij grote bovenregionale branden en specialistische incidenten de brandweer op verschillende onderwerpen het risico loopt niet of niet goed te kunnen ingrijpen door gebrek aan regie, mensen en materiaal.‘
De kaft van het document ‘Doorontwikkeling Grootschalig Brandweeroptreden visie 2.0’ kom in beeld. Daarop staat een brand met een blussende brandweer op een ladderwagen.
De voice-over zegt: ‘De brandweer heeft in de visie Grootschalig Brandweeroptreden 2.0 -kort gezegd GBO 2.0- afspraken opgeschreven over grootschalig brandweeroptreden, over de pelotons en over de resultaten die de brandweer moet behalen.’
Een kaart van Nederland met daarop de 25 veiligheidsregio’s ingetekend komt in beeld. Zes regio’s zijn blauw en de overige 19 zijn wit.
De voice-over zegt: ‘Uit onderzoek blijkt dat 6 regio’s voldoen aan de afspraken die gemaakt zijn in het GBO.’
‘Uit de interviews bleek dat de respondenten aangaven niet volledig voldoen
omdat zij bijvoorbeeld een te kort aan voertuigen hebben, niet aan de prestatie-eis kunnen voldoen, onderdelen missen of onvoldoende personeel hebben.’ Met de gesproken tekst mee komen pictogrammen van brandweerauto’s, een afvinklijst, een puzzel en een groepje poppetjes in beeld.
De voice-over zegt: ‘De inspectie onderzocht met een enquête onder alle 25 veiligheidsregio’s in hoeverre brandweerkorpsen zijn toegerust en hoe effectief ze samenwerken bij grote bovenregionale incidenten.’
Titel in beeld: ‘Pelotons basisbrandweerzorg’.
De voice-over zegt: ‘Volgens de visie GBO 2.0 moet elke regio vier pelotons Basisbrandweerzorg hebben voor eigen gebruik in die regio. Momenteel voldoet 64% van de regio’s aan de gemaakte afspraken.’ Een plattegrond van Nederland met daarop alle regio’s en daarin de cijfermatige score die aangeeft hoeveel pelotons ze beschikbaar hebben komt in beeld.
De voice-over zegt: ‘Bij een langdurige of zeer grote brand wordt een beroep gedaan op bovenregionale slagkracht. Hier is een tekort te zien ten opzichte van de visie GBO 2.0.’
De plattegrond verandert: de bovenregionale cijfers komen in beeld.
Titel in beeld: ‘Pelotons grootschalige watervoorziening’.
De voice-over zegt: ‘Elke regio moet twee pelotons Grootschalige Watervoorziening hebben. Momenteel voldoet 58% van de regio’s aan de gemaakte afspraken.’ De kaart van Nederland wordt weer gevuld met de cijfers per regio.
De voice-over zegt: ‘En bij een langdurige of zeer grote brand wordt gebruik gemaakt van bovenregionale slagkracht. Dat levert dit beeld op: in Zuid, Oost en Noordwest worden de pelotons niet bovenregionaal beschikbaar gesteld.’ De kaart van Nederland bevat andere, lagere cijfers per regio.
Titel in beeld: ‘Pelotons redding en technische hulpverlening’.
De voice-over zegt: ‘Daarnaast behoort elke regio pelotons Redding en Technische Hulpverlening hebben. Momenteel voldoet 92% van de regio’s aan de gemaakte afspraken. Bij een langdurige of zeer grote calamiteit wordt een beroep gedaan op bovenregionale slagkracht. Bovenregionaal, landelijk stellen 13 regio’s 16 pelotons hiervoor beschikbaar.’ De kaart van Nederland volgt de genoemde cijfers door eerst per regio de pelotons te vermelden en daarna de bovenregionale cijfers.
Titel in beeld: ‘Peloton natuurbrandbestrijding’.
De voice-over zegt: ‘Daarnaast behoort elke regio pelotons natuurbrandbestrijding hebben. Momenteel voldoet 12% van de regio’s aan de gemaakte afspraken. Bij een langdurige of zeer grote natuurbrand wordt een beroep gedaan op bovenregionale slagkracht. Bovenregionaal, landelijk stellen 5 regio’s 6 pelotons natuurbrandbestrijding beschikbaar afhankelijk van de risico-inschatting in hun eigen regio.’
Titel in beeld ‘Specialistisch optreden’. Daarna drie foto’s van voorbeelden van specialistisch optreden: een duiker in havengebied, reddingswerkers die bij een gedeeltelijk ingestort gebouw bezig zijn en brandweerlieden die in gele pakken iemand op een brancard aan het afspoelen zijn met water.
Titel in beeld: ‘Incidentbestrijding gevaarlijke stoffen bronbestrijding’.
De voice-over zegt: ‘Het tweede deel van de visie GBO 2.0 gaat over specialistisch optreden. Enkele opvallende voorbeelden. 21 regio’s, hebben Incidentbestrijding gevaarlijke stoffen bronbestrijding beschikbaar volgens de wettelijke eis. Momenteel voldoet dus 84% van de regio’s hieraan. Bij een langdurig of zeer grote incident met gevaarlijke stoffen wordt ook in dit geval een beroep gedaan op bovenregionale slagkracht. Bovenregionaal, landelijk stellen 2 regio’s in totaal 2 teams Incidentbestrijding gevaarlijke stoffen bronbestrijding beschikbaar.’ De plattegronden volgden ook hier de voice-over en de hoeveelheid teams per regio verschenen eerst in beeld en daarna de -lagere aantallen- bovenregionaal beschikbare teams.
Titel in beeld: ‘waterongevallen’.
De voice-over zegt: ‘Binnen Nederland hebben 24 regio’s in totaal 71 teams Specialistisch Optreden waterongevallenbestrijding vanuit de reguliere basisbrandweerzorg. Deze teams bestaan vooral uit oppervlakte reddingsteams, grijpreddingteams en uit duikteams. De beschikbaarheid van duikteams is een belangrijk onderdeel binnen de waterongevallenbestrijding vanwege de taak van het redden van levens. 92% van de regio’s voldoet aan deze wettelijke eis. 23 van de 25 regio’s hebben in totaal 49 duikteams operationeel beschikbaar. Bij langdurige of zeer grote incidenten op het water wordt een beroep gedaan op bovenregionale slagkracht. Bovenregionaal, landelijk stellen 2 regio’s in totaal 3 duikteams beschikbaar.’
In beeld scrollt een lijst met onderwerpen voorbij die geleidelijk vervaagt:
• Basis brandweerzorg
• Grootschalige watervoorziening
• Redding en technische hulpverlening
• Natuurbrandbestrijding
• Logistiek en ondersteuning
• Technische hulpverlening
• Scheepsbrandbestrijding
• Petrochemische brandbestrijding
• Hoogteverschillen
• Waterongevallen
• Ondergrondse inzet…
De voice-over zegt: ‘Dit waren slechts zes onderwerpen uit de vele die binnen het Grootschalig Brandweeroptreden / Specialistisch Optreden worden beschreven. Voor het totale plaatje of meer informatie, raadpleeg het volledige rapport: Grenzen bereikt en de bijbehorende bijlage.’ De kaften van rapport en bijlagen komen in beeld, direct daarachteraan een paars vlak en een wit vlak met middenboven het Rijkslogo. In beeld de teksten ‘Grootschalig en specialistisch brandweeroptreden’ en ‘Toezicht, omdat rechtvaardigheid en veiligheid niet vanzelfsprekend zijn’.